TANGKAHAN,  aan de rand van het Gunung Leuser Oerwoud

 

Vanaf de airport Medan, of vanuit Medan zelf, is de reisduur naar het minidorpje Tangkahan tussen de 5 en 7 uur. Het is afhankelijk van de kwaliteit van de auto, de hoeveelheid stops om even bij te komen van het schommelen en natuurlijk de weersomstandigheden. In de regentijd zullen de vele gaten in de weg modderpoelen zijn en is het nog tijdrovender om er door heen te komen.

De weg naar Binjai is redelijk, pas daarna wordt de weg hobbelig en grotendeels ook zonder asfalt. De chauffeur heeft het over een ‘bumpi bumpi road’’ . Het landschap is niet echt gevarieerd, de weg gaat voornamelijk door palmolie en rubber plantages.  

De aankomst te Tangkahan, aan de rand van het enorme Gunung Leuser Reservaat, maakt een hoop goed. Met een omvang van  8000 km2 is het het op 1 na grootste oerwoudreservaat van Sumatra. We stoppen bij een brede, zacht stromende rivier die het reservaat scheidt van het in cultuur gebrachte landschap waar we uren doorheen zwoegden. Hoe groen, hoe ruig, hoe gevarieerd is nu het regenwoud waar we tegen aankijken. Een genot voor de oren vormen de oerwoud geluiden,  opslag zijn we het motorgeluid van onze vervoermiddel vergeten dat ons nog maar enige minuten geleden hier bracht. Voor we oversteken wurmen we ons door de ‘visitorslodge’ waar 5 posters hangen over het Gunung Leuser Park maar verder niets toevoegt. Wel krijgen we van alle vier de medewerkers een hand, wat toch als een warm welkom opgevat mag worden. Een pontje gemaakt van olievaten brengt ons over  en verderop zie en hoor ik olifanten, tetterend,  met hun berijders door de rivier stappen.  ‘Hier moet ik wezen’ denk ik en dat blijkt ook te kloppen de aanstaande dagen.

 

 

 

Sungai Batang Serangan, oversteken met pontje

 

 

Eenvoudige onderkomens

Accommodatie is niet moeilijk te vinden; naast elkaar liggen 3 eenvoudige guesthouses. De eerste is Mega Lodge, het meest eenvoudig en het kleinst hoewel de naam anders doet vermoeden. Houten cottages met zeer eenvoudig interieur. Het volgende onderkomen is Bamboo River, deze was het eerste hier en heeft stenen kamers wat geluid betreft, wel zo rustig slaapt. Vervolgens hebben we Jungle Inn, hier lijken de cottages het grootst en is het restaurant perfect boven de rivier  gelegen. Prijzen tussen de 5 en 15 euro per overnachting.

 

 

guesthouse aan de rivier Buluh

 

 

 

De maaltijden kunnen via de lodges worden geregeld, wel van te voren aanvragen want de ingrediënten moeten nog worden ingekocht. Ik  heb gekozen voor Bamboo River omdat ik viel voor de mandibak (waterbak) die gemaakt was van een versneden vrachtauto buitenband. En toen ik een handdoekje wou pakken van de muur, zat daar een lief boomkikkertje  onder te  hyperventileren. Helemaal tegen de wand gedrukt. Onder zijn tenen heeft hij hechtschijfjes die zijn acrobatische kunsten garanderen, eigenlijk net als de Aziatische huisgekko’s (tjik -tjak).

In de namiddag zwemmen we in de Kuala Buluh-rivier, de zijrivier van de veel bredere Batang Serangan rivier.  Heerlijk helder koel water, genieten van het groen en de geluiden van vogels en  apen uit het bos. Zoals ook de kinderen in de buurt doen, wassen we ons haar in deze immense badkamer.  In de avond eten we uitstekend bij het eigenaarechtpaar van Bamboo River guesthouse.  Het lijkt wel of we in een paradijsje zijn beland, maar mijn dochter bestrijdt dit:  we hebben immers geen ‘signaal’ en zij kan dus niet haar sms-jes bekijken. 

Hoog door de jungle

Het meest spectaculaire wat je kan doen in deze omgeving is een  track door het oerwoud op de rug van de olifant.  Tangkahan heeft een soort van trainingschool voor olifanten die elders niet gewenst zijn. Hier aan het randje van het Leuser park worden ze mede ingezet om bezoekers een geweldige ervaring te laten op doen. 

 

olifanten steken de rivier over

 

 

 

De olifanten komen aanlopen bij de rivier onder ons guesthouse. We nemen plaats op een zadel gemaakt van rotan. Op een geweldige hoogte kunnen we nu alles overzien, de begeleider, de bestuurder beveelt de olifant met zijn benen en met uitroepen. Tot mijn ongeloof stapt de olifant een smal modder paadje in welke behoorlijk steil omhoog gaat. Poot voor poot, uiterst behoedzaam over boomstammen, stronken en modderpoelen, weet dit kolos omhoog te komen terwijl we af en toe in een  hoek van 90 graden  zitten. Het is eng het eerste kwartier omdat je niet kan geloven dat de olifant het gaat redden, maar dat gevoel verdwijnt na een tijd en maakt dan plaats voor euforie want zo hoog zittend is er des te meer te genieten van het oerwoud waar we door heen stappen. De olifanten genieten ook van dit uitstapje  lijkt het, ze tetteren af en toe en laten een trillend gerommel vanuit de buik  horen. Het is hun manier om onderling te communiceren vertelde de begeleider. Af en toe trekt de olifant ook nog wat groens van de bomen en eet dit al voortstappend rustig op. Een feest, ik kan niet anders zeggen, maar niet voor mensen met hoogtevrees.

 

 

op de rug van een olifant de jungle in

 

 

 

In ons geval eindigt de track van anderhalf uur bij het opvangverblijf van de olifanten. We mogen nog getuige zijn van het badderen van de olifanten en ook helpen schrobben. Prachtig gezicht die liggende kolossen in de rivier. Mijn ontzag voor deze dieren is toegenomen, niet alleen omdat ze dus uiterst behoedzaam kunnen manoeuvreren maar ook omdat bleek dat de olifanten was geleerd voordat ze naar de badplaats gaan,  te plassen! Werkelijk, op commando van de hoofdopziener deden deze dieren hun behoefte voordat ze in de rivier stapten.

Op een autoband terug

De route terug kan je doen langs de rivier Batang Serangan, of je lekker te laten afdrijven op een oude auto binnenband. De visitorslodge regelt dan dat deze klaarliggen bij de badplaats van de olifanten. Na een kwartiertje dobberen beland je dan weer bij de guesthouses. Het tarief voor een rit op de olifant is ca 15 euro, voor het regelen van de autoband betaal je ongeveer 4 euro.

Onze geplande 2 overnachtingen waren te kort. Je kan hier gemakkelijk een week rondlopen en gidsen zijn aanwezig om bijvoorbeeld lange wandelingen, al of niet met overnachtingen, te maken in de jungle. Vooral voor vogelliefhebbers valt er  het nodige waar te nemen, er zijn hier meer dan 325 vogelsoorten. Voor een jungle-track van 2 dagen, dus 1 overnachting, betaal je ca 40 Euro pp, dat is inclusief tent, eten,  permit en de gids. Een andere prachtige excursie in de omgeving is een motorrit naar Bukit Lawang.

Gegarandeerd apen zien.

De enige praktische manier om vanuit Tangkahan naar Bukit Lawang te geraken, is achterop de motor. Of zelf rijden, maar dan moet je wel ervaring hebben. De gehele weg, die uitsluitend door plantages gaat, is niet geplaveid en meer gat dan weg. In de regentijd is het helemaal een ramp. Motor is eigenlijk een zwaar woord, het zijn 100 CC brommers die hiervoor gebruikt worden, Honda of Yamaha. Ze hebben voldoende power en als alles meezit ben je er in 2 uur. Omdat wij zelf reden deden we er vier uur over, de lokale motorbestuurder (ojek-rijder) heeft veel meer routine en doet het dus veel sneller, wat niet wil zeggen dat het leuker is. Prijs inclusief benzine ca 10 euro. Geen aanrader voor personen met rugklachten!

 

oversteken naar de orang oetans

 

 

 

Natuurlijk is voor de meeste bezoekers het doel om de Orang oetan hier in levende lijve te kunnen zien. Via het Bohorok Orangutan Rehabilitation Centre worden hier de uit gevangenschap bevrijde orang-oetans geleerd zich weer te handhaven in de vrije natuur. De voedingsplatformen bereikt men door met een kano de rivier over te steken ter hoogte van het boswachterkantoor. Hier wordt een ‘permit’ afgegeven en vervolgens kan met naar de platforms lopen, een dik half uur. Er zijn 2 voeder tijden, een in de ochtend om 09.00 en om 15.00 uur. Het leuke van Bukit Lawang is dat de kans zeer groot is ook andere apensoorten te zien, zoals de hip uitziende  Thomas Leaf Monkey, Withandgibbons en Langstaartmakaken.

Accommodatie is in ruime mate voorhanden. Goed en betrouwbaar is Bukit Lawang Ecolodge, kamers vanaf 10 euro.

Peter Moerbeek/antarin/juli08/ www.antarin.net