Weerzien in liefde.

 Negenentwintig jaar geleden vlogen wij naar Indonesie om onze zoon op te halen en hem een toekomst te geven in Nederland.
Nu is hijzelf negenentwintig, net zo oud als wij toen wij hem adopteerden uit Indonesie.
Negenentwintig jaar, wat een lange tijd,  voor onze zoon: zijn hele mensenleven, voor ons het dubbele.
Nu ben ik met hem en zijn vriendin terug in zijn geboorteland en met elkaar proeven, ruiken, voelen en beleven we de tropen weer, met de echte tropenregens, het is tenslotte regentijd en daardoor zie je het prachtige en overweldigende groen van de natuur.
De vele mensen die overal  zijn en meestal bezig  met van alles en nog wat, opruimen, verschonen, vegen  maar ook vaak met wachten op bijvoorbeeld overstekende mensen, op bestellingen in het restaurant,  op vervoer, op elkaar, op werk, op eten, teveel om op te noemen, maar overal zie je mensen, die meestal heel aardig en vriendelijk zijn en zeer beleefd en onderdanig.

Terima kassi ( dank je wel) ligt dan ook vooraan in onze mond, want  respect komt van twee kanten, we ervaren de ontmoeting tussen oost en west.
Onze zoon, nu een volwassen man met een vriendin, een baan, een huis, een auto. Een echt eigen leven dat hij zelf met vallen en opstaan  heeft opgebouwd in Nederland, samen met zijn Nederlandse ouders en zijn twee broers. Een gelukkig leven !
Wat een voorrecht om hem zo intens te zien genieten van zijn geboorteland.

Terugkijken (hier ben ik geboren, hier kom ik vandaan) en vooruitkijken  (in Nederland heb ik mijn leven opgebouwd). Twee werelden die zo anders zijn en elk hun eigen cultuur en charme hebben. Die twee werelden integreren met elkaar.
Een dilemma? Is dat het lot van elke geadopteerde? Als je Spoorloos ziet dan zeg je:  Ja.!
Maar niet bij iedereen even heftig en hevig.
Onze zoon zag hoogten en diepten  en van beiden mochten we uitgebreid meegenieten, overigens net als bij onze andere twee zoons. Als drie broers ervaren en onderhouden ze een warme band   en leven met elkaar mee in hun zeer verschillende levens.

  Autorijden, je verplaatsen op Java, machtig, gevaarlijk, avontuurlijk, spannend, leuk, moeilijk, gemakkelijk, alles tegelijk. Wat moeten we eraan wennen.
Brommertjes, fietsen, bedjaks, personenauto’s, busjes, bussen, bestelautootjes, vrachtwagens, alles rijdt door, naast, voor en achter elkaar en daar tussendoor krioelen nog de vele mensen met altijd iets bij zich of een kind op de arm of in de slendang, de Indonesische draagdoek.
Het lijkt of er geen regels zijn, tenminste of niemand zich eraan houdt.
In de stad zie soms een verkeerslicht en daarnaast aangegeven hoeveel seconden het licht nog op rood of groen staat. Ook staat er wel eens een “polisie” op een kruispunt, zij regelen wat, zwaaien met hun armen , hebben een fluitje en gezag.
Voetgangers zie je altijd  en ze krioelen overal langs en doorheen. Op de brommertjes zitten hele gezinnen, een kind staat voorop  bij het stuur, een of soms twee andere kinderen zitten tussen papa en mama in, een volgeladen voertuig dat zijn weg zoekt en vindt in de enorme drukte en chaos.

In Surabaya zie je veel mensen met een zakdoek voor neus en mond rijden vanwege de enorme luchtvervuiling. Er wonen dan ook acht miljoen mensen in deze stad. En iedereen beweegt zich op een of andere manier voort over de overvolle wegen en door de kleine straatjes in de stad.
De chaos, de aan elkaar geplakte,  gelaste, geroeste voertuigen, ongelooflijk, maar het rijdt.
Alhoewel we veel langs en in de kant van de weg zien staan dat misschien gerepareerd wordt of misschien ook wel gewoon daar verder verroest en vergaat. En natuurlijk worden de bruikbare stukken eraf gehaald door wie dan ook.
De huizen, sommige inmens groot en ommuurd, mooi in een tropenkleur geverfd.
Andere onderkomens klein, kapot, onaf, rotzooi, chaos, aan elkaar geplakt en  scheef.
De straatjes smal, soms gezellig, vaak troep en chaos, dat ligt aan de omgeving.
Aan de straat overal tentjes met alles te koop wat je maar kunt bedenken. Fruit, eten, water, drinken, huiswaar, huisraad, kussens, bedden, meubels, onderdelen voor vervoer, autobanden en ga zo maar door. Een zeer kleurrijk geheel met een eigen dynamiek
En daar tussendoor en middenin mensen, mensen en nog eens mensen.

We gaan het oerwoud en de bergen in op Java en volgen de weg van de oerwoudinspectie die veertig jaar geleden is aangelegd  en geasfalteerd, smal en met vele bochten, waaronder haarspeldbochten. We ervaren een woest, groot, hoog, diep, groen en indrukwekkend landschap wat steeds verandert. Diep in het oerwoud leven de slangen, apen en tijgers.
De temperatuur is voor ons zeer aangenaam, maar de bergbewoners hebben truien en lange broeken aan.
Velden vol met kool, asperges,wortels, aardappelen, champignons en nog vele andere groenten, overdadig grote oogsten door het goede klimaat en nodig voor dit overbevolkte eiland Java. Elk bruikbaar stukje grond wordt geexploiteerd of ontgonnen, zodat er nog meer groente verbouwd kan worden en alle monden gevoed kunnen worden.

Er gaan stemmen op voor de een-kind-politiek zoals in China en met zo’n overbevolking is dit heel goed te begrijpen. De verkiezingen in april en juni kunnen dat misschien uitwijzen.
Een bergdorp kent zijn eigen dynamiek en charme. Je moet voor alles ver rijden op brommertjes en jeeps en vrachtauto’s volgeladen met de oogst van de dag die verkocht wordt om de monden in Surabaya, Batu en Malang te vullen. Onderweg komen we ook langs grote en volle apppelboomgaarden die veel vruchten dragen.
Door Batu, de stad van de bergen, de bloemen, de groenten, de appels en sierplanten rijden we Malang in, een stad met twee universiteiten , een legerplaats, veel winkels en  twee miljoen inwoners . Weer arm naast rijk, chaos naast orde, kortom veel te zien en te beleven.

  Negen jaar lang je eerstgeborene, je oudste zoon die je hebt afgestaan ter adoptie en die je na twintig jaar weer ontmoette, niet zien, horen, voelen, ruiken, beleven en hem dan in je armen kunnen sluiten. Emotie, blijdschap, opluchting, geluk!

Negen jaar lang de vrouw die jou negen maanden onder haar hart droeg niet zien, horen, voelen, ruiken, beleven en hetzelfde geldt voor je twee zusjes, je broer en de man die je verwekte, je biologische vader. Emotie, blijdschap, opluchting, geluk!
Het dorp, de straat binnenrijden, het huis binnenlopen, ervaren dat de familie in economisch opzicht vooruit is gegaan.
Je afgestudeerde zus, die getrouwd is met een medestudent die een baan als computerprogrammeur heeft  en samen hebben ze een baby, een meisje, je bent oom.
Je broer die werkt  op het land van zijn ouders en kleine kipjes kweekt voor de ronde eitjes voor de verkoop aan de restaurants. Ook hij getrouwd en samen in blijde verwachting. Je wordt nog eens oom. Als broer maak je hem miljonair met roepia’s zodat er een nieuw onderkomen voor de kipjes gebouwd kan worden.
En dan het slimme, intelligente jongste zusje die goed weet wat ze wil, na de middelbare school  studeren aan de beste universiteit van Java in Djakarta en door die studie dan verzekerd zijn van een baan. Zij werkt nu heel hard voor de test die daarvoor nodig is. Samen met haar achter de computer en dan delen van kennis en informatie.
Uitwisseling, plezier, gesprekken in het engels en onze chauffeur die vertaalt.

Opa en oma, inmiddels tegen de tachtig, oma in dezelfde jurk als negen jaar geleden, beiden zeer senang (erg blij) om hun oudste kleinzoon, waarvan ze twintig jaar lang het bestaan niet wisten, in hun armen te sluiten.
Dit alles is voor onze zoon en zijn vriendin en ook voor mij als zijn moeder een enorm warm onthaal waar we van genieten en zeer dankbaar voor zijn.
De biologische vader werkt op Bali als chauffeur, die zullen we later ontmoeten, via de mobiele telefoon wordt hij natuurlijk gelijk ingelicht en bijgepraat.
De dagen daarna gaan we vaak op bezoek en worden bijgepraat over de leefomstandigheden.
Elke keer voelen we ons zeer welkom en worden onthaald met grote pannen eten en moeten dat ook echt doen, wat een genot  is want het smaakt zeer goed.
De naaimachine die we aanschaffen voor moeder en die ze krijgt van de drie Nederlandse broers waarmee ook zij een inkomen kan genereren door kleding te repareren en te maken met en voor anderen in het dorp. Nieuwe mogelijkheden en perspektieven met de elektrische naaimachine die heel eenvoudig te bedienen is.
Op visite gaan, eigenlijk heel gewoon, de klik ervaren tussen de familieleden. Ons welkom en thuis voelen en ons vrij kunnen bewegen , een rijke ervaring.
De dozen vol koekjes en kroepoek die we niet kunnen en mogen weigeren, maar die te zwaar zijn om te vervoeren naar Nederland.  Onderweg genieten we ervan en geven veel weg aan mensen die het kunnen gebruiken en er blij mee zijn.

Na een week, het afscheid, kort, heftig, emotioneel, maar niet met een groot tranendal. De wereld is kleiner geworden door de moderne communicatiemiddelen zoals internet, mobiele telefoon, vanaf nu kunnen we meer en intensiever met elkaar meeleven.

In de lobby van het hotel op Bali ontmoeten twee mannen elkaar, de biologische vader en zijn zoon. Elkaars taal spreken ze niet, ze voelen elkaar wel aan. Ze lijken op elkaar, tonen weinig emotie, maar zijn erg blij elkaar te kunnen omarmen en vast te houden. Het is goed zo.

Chauffeur voor een kunstenaar, heen en weer rijden tussen Ubud en Denpassar met kunst in je bestelbusje,  met drie vrienden in een huis wonen, je gezin zelden zien, maar je hebt werk en een inkomen zodat je kinderen een betere toekomst kunnen krijgen in dit grote, mooie en rijke land, waar de kloof tussen arm en rijk groot is.

Drie mooie ontmoetingen met behulp van een tolk. Je armband afdoen en aan je zoons arm  schuiven. Placemats voor de Nederlandse familie uit de motorkap van je scooter halen en aan mama geven met Terima kassi. De donatie van je zoon onmiddelijk gebruiken voor de inschrijving op de universiteit  van je jongste dochter.

Twee mannen , twee verschillende werelden hebben elkaar met respect en in liefde ontmoet.

Bali, ook een eiland in de gordel van smaragd. Betoverend  mooi en kleurrijk in vele opzichten. De natuur is overweldigend groen met prachtige bloemen, de mensen zeer vriendelijk en aardig.
Na de aanslag in Kuta is er een economische terugval waar de mensen nog steeds last van hebben. De overvolle kraampjes en winkeltjes op het strand en in de dorpen getuigen daar mede van.
“Will you have a look in my shop?”  Ja , ik wil wel in je winkel kijken, maar ik kan niet in elke kraam wat kopen. En in die enkele waar je het wel doet en teveel roepia’s betaalt, ach, je ziet een blij gezicht en er hebben weer enkele mensen een dag te eten. Maar je ziet ook hun uitzichtloosheid, maar daarnaast hun volharding en moed.
Prachtige stranden, vergezichten over de zee naar de bergen, mooie onder-water natuur met schitterende  vissen in mooie kleuren.
Overal de vierkante  kleine mandjes, gemaakt van een boomblad, gevuld met een vrucht, wat rijst, een bloem, soms een munt en een wierookstokje, offeranden aan de Goden, wat hoort in de Hindoe-cultuur. Op elke hoek, paal, huis, beeld, kortom overal staan die offers en op een gegeven moment als ze vergaan  en hun dienst hebben gedaan, worden ze ook weer opgeveegd.
Mensen die overal  zitten, hangen, liggen als ze op kopers, klanten of wat dan ook wachten.
Bij een rij taxi’s liggen de chaufeurs naast elkaar op de grond op klandizie te wachten. De meest actieve en alerte komt natuurlijk het snelst aan klanten.
Ook hier zijn de mensen uiterst vriendelijk en beleefd en onderdanig. Meestal willen ze al je wensen wel inwilligen, vooral als jezelf aardig  en toeschietelijk bent en  strooit met roepia’s.
Bij de mooie gebouwen die worden neergezet laat het onderhoud vaak te wensen over.
Altijd is er wel iets kapot, een stukje van een tegel, een lekkende kraan, een scheur, gaten ergens in.  Allemaal  gemakkelijk en snel te repareren, maar dat gebeurt niet.

We hebben wel uitzonderingen gezien, maar dat hotel werd gerund door een westerling.
Mensen, mensen, overal mensen die wachten of bezig zijn of onderweg ergens heen.
Bij het parkeren van de auto, waar dan ook, staan altijd, meestal jonge mannen, meestal met een fluit en soms met een aanwijsstok. Met veel gebaren en woorden wordt je auto gedirigeerd om daar te parkeren, o nee, tien centimeter verderop. In een parkeergarage worden spiegels aan beide kanten onder je auto gehouden om te kijken of er geen glas aan je banden zit.
Bij een restaurant word je welkom geheten, een ander brengt je naar een plaats, weer iemand anders brengt de kaart, een collega neemt de bestelling op die weer door een andere collega bij je wordt gebracht. En de betaling doe je natuurlijk bij weer twee anderen.

Zoveel verschillende mensen, maar ze hebben werk, een baan, status en een inkomen waar vaak meerderen van moeten leven.
Als je in een warenhuis iets koopt geef je het aan een verkoopster, die schrijft een briefje met een carbonnetje ertussen. Met de twee briefjes wordt je naar een kassa gedirigeerd. Daar gaat een bonnetje in een la, op het andere komt een stempel, op een rekenmachine of kassa wordt het bedrag door twee mensen opgeteld. Dan kun je betalen. Als je met je visa betaald wordt die eerst uitgebreid  bestudeerd en is er druk overleg op welk apparaat jouw visacard zal passen. In een boek wordt de code gezocht en meestal gevonden en dan kun je je pin intoetsen. Je handtekening moet je minimaal twee keer zetten en die wordt uitgebreid gecontroleerd. Transactie voltooid.  En dan kun je je gekochte waar in ontvangst nemen.
Minstens zes of zeven mensen  hebben  met een vriendelijke lach en veel  terima kassi  dan aan jou hun welwillende service verleend.

  Hery, onze chauffeur, een waardevolle reisgenoot die ons heel veel heeft laten zien van dit prachtige land.  “Wat hoor / zie ik nou?” en dan kwam er weer  een gedetailleerde uitleg van een gebeurtenis, plaats, incident of wat dan ook.
Bij een vraag waar hij niet gelijk het antwoord op wist, deed hij zijn hand achter zijn oor en zei:  “Ïnformaassie” . Enige tijd later kwam dan het antwoord wat hij waar dan ook zocht en altijd voor ons vond.
Zeer dienstbaar, maar met een eigen mening over van alles en nog wat, maar zeker over zijn eigen land, waar hij de vinger goed op de zere plekken kan leggen en daar zelf daadwerkelijk in zijn dorp bij Yokyakarta aan werkt en zijn bijdrage aan levert.
Uit drie mensen is hij unaniem als dorpshoofd gekozen en doet heel veel aan praktisch en sociaal werk, zoals reparaties aan huizen, kranen, meubels  enzovoort,  maar ook meningsverschillen verduidelijken en bijleggen.
Hij repareert, stimuleert, anticipeert,, informeert, corrigeert, beleert en fantaseert, alles voor de mensen van zijn dorp. Zodat dat dorp boven de armoede en de chaos uit stijgt en meekan in de moderne tijd. Hij kan internetten, mobiel bellen, telebankieren, leest veel en heeft overal  een vaak gefundeerde  mening over .
Het dorp beschikt over een accuboor, die hij heeft gekregen, een wasmachine en dankzij ons nu ook over een elektrische naaimachine die Hary kan bedienen , gebruiken en zonodig repareren.
Al onze overbodige zeepjes, kammetjes, tandenborstels, wattenstaafjes , naaimapjes verzamelden wij in een grote zak voor Hary  voor de bingo in zijn dorp die hij elke maand organiseert  als hij niet onderweg is of  tolkt.
Door zulke mensen kan dit land groeien en de armoede te boven komen. Hem steunen, op wat voor manier dan ook is, hoewel een druppel op een gloeiende plaat, maar wel daadwerkelijke steun waar veel mensen van meegenieten en meeprofiteren.
“Antisiepaassie”  dat was zijn stopwoord  wat je in veel situatie kunt gebruiken en dat deed hij dan ook.  Hij liet ons prachtighe plekjes zien, vond authentieke restaurantjes en de juiste winkels voor onze aankopen en was ons ook behulpzaam bij het afdingen .
Gaf bruikbare adviezen en was een aardige, behulpzame en vriendelijke tolk.
Efficienter werken stimuleert hij want hij ziet veel luie mensen en die belemmeren de groei van dit grote land.   “Tok, tok, tok,” doet hij altijd en overal om veel te bereiken voor zijn mensen, van zijn dorp of de mensen die hij rondleidt.
Voor ons een voorrecht om deze man te hebben leren kennen.

  Om Frater  Frans op te sporen, die voor het eerst de biologische familie van onze zoon heeft ontmoet, moeten Hary en ik “Spoorloos” spelen  en rijden daarvoor langs verschillende fraterhuizen.  In het laatste huis konden we hem mobiel bereiken en een afspraak maken, tot  zeer grote verrassing van Frater Frans.
De ontmoeting was van beide kanten erg hartelijk en warm en vol intersse voor elkaars leven Vanwege zijn gezondheid moet hij het kalm aan doen, maar hij geniet erg van de colleges filosofie en theologie die hij mag geven  aan studenten. Tevens van zijn koor en de bijbelstudies die hij in de avond verzorgt bij mensen thuis.
De nederlandse magazines over filosofie en psychologie vielen erg bij hem in de smaak en hij was zeer blij om zijn  nederlands actief te kunnen beoefenen in een uiterst smaakvol en gezellig  ingericht restaurant waar we heerlijk hebben gegeten en ervaringen  uitgewisseld .
Misschien komt hij binnenkort voor een sabbatical naar Nederland en dan ontmoeten we elkaar vast en zeker. In ieder geval gaan we mailen.

Diepe, overweldigende massage. Alle spieren die gekneed, beklopt en gewreven worden door veel verschillende vrouwen die dit ambacht ritmisch en met kennis van zaken uitvoeren.
Zorgzaam, elk lichaamsdeel de volle aandacht geven, zodat je denkt dat het er niet meer is, althans zo voelt het. Concentratie, rust, ritme, gevoel, inzet, oosters, stille kracht, tempo doeloe, pelang, pelang (rustig aan). Genieten, overgave en ontmoeting.
In het zwembad en in de zee genieten van de aangename teperatuur van het water, het ritme en de rust, de vissers, de mensen. De zon die je verwarmt en verbrandt zelfs in de schaduw, waar je wel energie van krijgt en ook moe van wordt en dan heerlijk slaapt.

  De voorspoedige terugreis naar Nederland  waar we onze ervaringen en verhalen delen met allen die ons lief zijn  en interesse hebben .

Het wennen aan de kou en  het donker. De jetlag die enkele dagen duurt.

Ons  hoofd en onze koffers vol herinneringen veel dankbaarheid en blijdschap over deze prachtige ervaring in de gordel van smaragd.

 

Tanny Geerse    -   Wolvega    -   februari 2009